Site navigatie
Home Artikelen Islam algemeen Het Offerfeest
Het Offerfeest
Written by Riaz Ahmadali   
De 'Îd ul Adhâ, ofwel het offerfeest, wordt dit jaar omstreeks begin maart gevierd. Alle Muslims wereldwijd die het zich kunnen veroorloven zullen op deze dag een schaap, geit, koe of kameel offeren. Dit offeren, waaraan alle Muslims meedoen ter herdenking aan de beproevingen die de profeet Abraham ('alaihis salâm), de aartsvader, heeft doorstaan in zijn gehoorzaamheid aan Allâh, is een onderdeel van de haddj (bedevaart) in Makkah. Abraham (Ibrâhîm) was bereid zijn zoon Ismaël eigenhandig te offeren op bevel van Allâh, maar ook Ismaël was zich bereid aan de wil van Allâh te onderwerpen, door dit offer te ondergaan. De Heilige Qur'ân zegt in 37:102:

“En toen hij (de leeftijd) van het werken met hem bereikt had, zei hij: O mijn zoon! Voorzeker heb ik in mijn droom gezien, dat ik u ten offer breng; overweeg dan wat u ziet. Hij zei: O mijn vader! Doe wat u bevolen is; indien het Allâh behaagt, zult u in mij één van de lijdzamen vinden.

Derhalve, toen zij beiden zich onderwierpen en hij hem op zijn voorhoofd neerwierp, en Wij tot hem riepen, zeggende: O Abraham! Inderdaad hebt gij de waarheid van het visioen aangetoond; waarlijk, alzo belonen Wij degenen die het goede doen: waarlijk, dit is een duidelijke beproeving. En Wij kochten hem met een groot offer vrij.”

Op gegeven moment werd Abraham dus door God gezegd dat hij het offer niet meer ten uitvoer hoefde te brengen; zijn rechtschapenheid was reeds bewezen door zijn bereidheid zulks te doen.

Men vraagt zich wel eens af, vooral dit jaar waar door de gezondheidstoestand van runderen e.a. vee in Europa consumptie van het vlees ervan onverantwoord zou zijn, of in plaats van het offeren ook andere soorten van liefdadigheid verricht kunnen worden. Om deze vraag te beantwoorden, moeten we eerst nagaan wat het doel van het offeren is.

Behalve de uiterlijke vorm van het offeren, zoals het slachten en het verdelen aan de armen, moeten wij vooral aandacht besteden aan de les die wij uit het offer dienen te leren. Het offer bestaat namelijk uit een uiterlijke en een innerlijke vorm. De uiterlijke, zichtbare vorm is de daad van het slachten van een dier en het zich voeden met zijn vlees. Echter is vooral de innerlijke, onzichtbare vorm van het offeren belangrijk en daarvoor raadplegen we de Qur'ân 22:37, waarin Allâh zegt met betrekking tot de geofferde dieren:

“Hun vlees bereikt Allâh niet, hun bloed evenmin. Maar voor Hem is aannemelijk rechtschapenheid van uw kant.”

Hier vertelt Allâh dus dat hij het vlees en het bloed van het geofferde dier niet nodig heeft, maar waarom dan dit offer? In de Qur'ân 12:53 staat o.a.:

“…voorzeker, het zelf (ego) van de mens is gewoon hem te bevelen het kwade te doen….”

Laten wij kijken wat er tegenwoordig in de wereld gebeurt. Vele mensen proberen hun leven op te bouwen of hun naam te maken door anderen te vernietigen, zoals dieren dat doen, dus: de één zijn dood is de ander zijn brood. Lage hartstochten zoals zedeloosheid, ongeoorloofde seks, geweld en drugs zijn de trend van tegenwoordig.

Dit alles ontstaat vanuit de dierlijke instincten, vanuit de lagere hartstochten van de mens. Het gevolg hiervan is, dat de gehele mensheid bezig is af te glijden naar de afgrond. Allâh zegt in Qur'ân 95:4-6:

“Voorzeker hebben Wij de mens in de beste vorm geschapen. Vervolgens brengen Wij hem terug tot de laagste der lagen. Behalve degenen die geloven en goede werken doen, die zullen een nimmer af te snijden beloning hebben.”

Het is het dierlijke in ons, dat ons naar de laagste der lagen brengt en dat vijandschap en onenigheid tussen de mensen brengt. Het is dit dier in ons dat geofferd moet worden. Gaat u na: als een ieder zijn dierlijke verlangens zou opofferen, dan zou het vrede op aarde zijn. Want, zoals eerder gezegd, zijn het deze verlangens die onenigheid en vijandschap tussen de mensen brengen. En het onderdrukken van zulke verlangens is het Paradijs waard! Zie Koran 79:40-41:

“En wat hem betreft, die in het aanzijn zijns Heer vreest te staan en de ziel in (haar) lage begeerten bedwingt, dan waarlijk, de tuin - dat is zijn woning.”

Uit het bovenstaande blijkt, dat het offer een andere betekenis heeft dan uitsluitend een liefdegave. Vervangen van het offer door een liefdegave, zonder geldig excuus, is dus niet voldoende.

Echter leert de Islâm, dat in nood andere regels gelden. Zo zien we in de Koran 5:3 staan dat het nuttigen van bijvoorbeeld varkensvlees verboden is, maar dat het in geval van nood (zoals levensgevaar bij hongersnood) genuttigd mag worden, zolang als de nood duurt. Analoog geredeneerd kan gesteld worden dat, zolang er geen gezonde offerdieren voorhanden zijn, het offer op een andere manier volbracht mag worden, bijvoorbeeld door een gelijkwaardig geldsbedrag aan armen en behoeftigen te schenken.
Tenslotte dient opgemerkt te worden dat het offeren tijdens de 'Îd ul Adhâ geen plicht is. Het was een gewoonte van de Profeet Muhammad (vrede zij met hem), welke gewoonte hij sterk aanbevolen heeft aan de Muslims.
 
Make Text Bigger Make Text Smaller Reset Text Size