Site navigatie
Home Artikelen Onbegrip over de Islam An eye for an eye makes the world go blind
An eye for an eye makes the world go blind
Written by drs. Sharida Mohamedjoesoef   

Een historische beschouwing aangaande het Israëlisch-Palestijns conflict

Waar komt de Arabische woede vandaan?

De gebeurtenissen van 11 september 2001 in de Verenigde Staten van Amerika hebben overal ter wereld heftige reacties opgeroepen, zowel in de Arabische als in de Westerse wereld. Voor veel westerlingen waren de beelden van juichende mensen in bepaalde delen van de Arabische wereld onbegrijpelijk. Waar komt de woede van Arabieren vandaan? Wat is de drijfveer van de Islamitische fundamentalisten?

Het is praktisch onmogelijk om binnen enkele pagina’s met een pasklaar antwoord te komen zonder de geschiedenis geweld aan te doen. Feit is wel dat de antwoorden eerder in politieke en economische hoek moeten worden gezocht, en minder vaak een religieus karakter hebben; dit in tegenstelling tot wat regeringsleiders en de media ons willen doen geloven. Denk in dit verband maar eens aan de oliebelangen van het Westen in het Midden-Oosten of de Amerikaanse politieke en militaire steun aan Israël.

Heel kort door de bocht kan men stellen dat het hier vooral een gevoel van miskenning betreft. Arabieren voelen zich door de historie heen bekocht door het Westen, dat maar bitter weinig bereidheid heeft getoond om zich meer te verdiepen in de Islām en de complexe structuur van de Arabische samenleving. Zo lijken maar weinig westerlingen te beseffen dat niet alle Arabieren Muslim zijn. Bovendien heerst in veel Arabische landen een stammencultuur, waardoor de communicatie op verschillende terreinen stroef verloopt. De Brit T.E. Lawrence, beter bekend onder de naam Lawrence of Arabia, zei eens: “The Arabs believe in people, not in institutions”.

In de Arabische wereld overheerste langzamerhand het gevoel dat het Westen met twee maten mat. Zo toonde het Westen wel een grote betrokkenheid bij het lijden van het Joodse volk tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar legde zij een grote onverschilligheid aan de dag ten aanzien van de Palestijnen die na de oprichting van de staat Israël min of meer aan hun lot werden overgelaten. De Arabische wereld, zo werd algemeen gedacht, was groot genoeg om zelf de Palestijnen te huisvesten. De Israëlische premier Golda Meir verklaarde zelfs: “the Palestinians are not my problem”.

Het Verbond met Abraham aan de basis van het Zionisme

Waar begint de wrok tussen de Arabieren en de Joden?

De bron voert ons terug naar het land van Oer in Mesopotamië, oftewel het huidige Irak. Volgens de Bijbel was het een roerige tijd waarin mensen het geloof in de ware God hadden verloren en in plaats daarvan afgoden van hout, steen en zilver aanbaden. God sloot een verbond met de herder Abraham:

“Ik wil een verbond met u aangaan en u zeer talrijk maken. Ik zal u zeer vruchtbaar maken, volken zal Ik van u maken. Ik zal uw God zijn en de God van uw nakomelingen. Geheel Kanaän, het land waar u nu als vreemdeling verblijft, zal Ik aan u en uw nakomelingen geven om het voor altijd te bezitten, en Ik zal hun God zijn.” (Genesis 17:5-8)

Maar Abraham had al een zoon (Ismaël) bij Hagar, de Egyptische slavin van zijn vrouw Sarah. Temeer daar Sarah Abraham nog geen kinderen had geschonken en Abraham al op hoge leeftijd was, had Abraham zo zijn twijfels over de nakomelingen die hij volgens God zou krijgen. Hij stelde God zelfs voor om de lijn van Ismaël voort te zetten. Maar God liet er geen twijfel over bestaan dat Zijn verbond gold voor de zoon die Sarah zou baren.

Een jaar daarna was het zover en schonk Sarah het leven aan een zoon: Izaak. Voor Hagar betekende dit het einde van het verhaal. Zij werd met haar kind Ismaël uit het kamp van Abraham verdreven, maar niet zonder de Goddelijke belofte dat ook het geslacht van Ismaël gezegend zou worden (Gen. 17:20).

Zoals bekend trekken de nakomelingen van Izaak de lijn van het Joodse volk door. De nakomelingen van Ismaël, de Ismaëlieten, verspreidden zich over de regio en trokken uiteindelijk de lijn van de Arabieren door. Hiermee was in feite de kiem gelegd voor het voortslepende conflict tussen de Joden en de Arabieren, dat daarna nog veel dieptepunten in de geschiedenis zou kennen.

Aan het eind van de negentiende eeuw was er n.l. een groeiende Joodse nationalistische beweging die op basis van bovengenoemd Verbond haar claim op Palestina rechtvaardigde: het Zionisme. Aanhangers van deze beweging noemden zichzelf zionisten, een afgeleide van het woord Zion, oftewel de oude Joodse benaming voor Jeruzalem.

Dat de bevolking in Palestina voor het merendeel bestond uit Arabieren, weerhield veel Joden er niet van om Palestina alvast op te eisen. Volgens schattingen trokken er tussen 1880 en 1914 meer dan 60.000 Joden naar het toenmalige Palestina.

Het Arabische verzet begint

Dit stuitte op hevig verzet bij de Arabieren en leidde tot steeds meer Arabische aanvallen op Joodse nederzettingen. Hadden Arabieren, gezien de belofte van God aan Ismaël, niet net zo goed bestaansrecht in de regio? De Arabieren zagen hun kansen op onafhankelijke staten toenemen toen Engeland in 1914 de oorlog verklaarde aan Turkije, dat een bondgenoot van Duitsland was. Zij zouden Engeland helpen de Turken te verslaan in ruil voor onafhankelijkheid.

Maar uiteindelijk bleken de grootse machthebbers in de regio, Engeland en Frankrijk, toch wat anders in gedachten te hebben en voerden zij geheime besprekingen, wat in 1916 resulteerde in het Sykes-Picot Verdrag. Hierin werden de Arabische gebieden van het Ottomaanse rijk opgedeeld in:

  • gebieden die onder direct Frans of Brits toezicht vielen;

  • gebieden die Arabische staten zouden worden maar wel binnen de Brits/Franse invloedssfeer zouden vallen;

  • gebieden die onder gezamenlijk Engels, Russisch en Frans gezag zouden komen.

Er werd in dit verdrag dus niet gesproken over een apart land voor de Joden.

De Britse omslag ten gunste van een eigen Joodse staat

Dit veranderde in 1917 toen de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Arthur Balfour, een brief schreef aan Lord Rothschild, een prominente Joodse bankier die het Zionisme een warm hart toedroeg. In de brief bood Balfour de steun aan van de Engelse regering bij de oprichting van een eigen Joodse staat in Palestina. Tot op de dag van vandaag vragen mensen zich af waarom de Engelsen dit aanbod ooit hebben gedaan, temeer omdat het in strijd was met het Sykes-Picot Verdrag. Wellicht heeft de geldverslindende Eerste Wereldoorlog een rol gespeeld.

De spanningen tussen de Arabieren en de Joden liepen steeds verder op. In 1936 werd er een koninklijke commissie in het leven geroepen die verslag moest uitbrengen over hoe het nu verder moest met het mandaatgebied. Dat resulteerde in het verslag Peel-commissie van 1937. Palestina moest worden opgedeeld in drieën: een kleine Joodse staat, een grote Arabische staat en een smalle strook land die van de kust naar de heilige plaatsen liep, en die onder Engels bestuur zou blijven.

De Joden gingen uiteindelijk akkoord. De Arabieren niet!

Tweede Wereldoorlog versnelt oprichting Joodse staat

De kentering kwam met de Tweede Wereldoorlog. Waren Joden in Europa al eeuwenlang vervolgd door Christenen, dit alles viel in het niet vergeleken met de terreur van het nazi-bewind in Duitsland. Schattingen over het aantal Joden dat is vermoord, lopen uiteen van vijf tot elf miljoen.

Gevoelens variërend van schuld (wellicht ingegeven door eigen latente anti-joodse gevoelens) en medelijden maakten dat de West-Europese regeringsleiders zich vóór een Joodse staat in Palestina uitspraken. Dit vond zijn beslag in een voorstel van de Verenigde Naties om Palestina op te delen overeenkomstig de voorstellen van de Commissie Peel in 1937. Een meerderheid stemde vóór de oprichting van een Joodse staat.

Op 14 mei 1948 was de staat Israël een feit. Een dag later werd het aangevallen door vijf Arabische landen. Tegen alle verwachtingen in hield Israël stand en kreeg zij er zelfs grond bij. Met de zesdaagse Arabisch-Israëlische oorlog van 1967 maakte Israël korte metten met Egypte, Syrië en Jordanië en breidde zij haar grondgebied uit (de Sinaï-woestijn, de Golan-Hoogvlakte, de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem).

Georganiseerd Palestijns verzet via P.L.O.

Maar Israël begon de hete adem van de Palestijnen te voelen. Velen waren Israël ontvlucht en hadden zich gevestigd in de enorme VN-vluchtelingenkampen langs de grens met Israël, waar zij leefden in erbarmelijke omstandigheden. Dit is voor een deel te wijten aan de Arabische landen die daarmee de haat tegen Israël levend willen houden. Bovendien zijn veel Arabieren de mening toegedaan dat het Palestijnse probleem door het Westen is geschapen en dus ook door datzelfde Westen moet worden opgelost.

Het echte verzet kwam pas met de oprichting van de P.L.O. in 1964. Deze Palestijnse bevrijdingsorganisatie moest de acties van alle Palestijnse groeperingen om Israël uit Palestina te verdrijven, coördineren. De P.L.O. is altijd een overkoepelend orgaan geweest onder wiens paraplu zich zowel radicale als gematigde groeperingen schaarden. Met een reeks terreuraanslagen probeerden de Palestijnen aandacht te krijgen voor hun probleem. Dit leidde al tot de Intifadah’s (opstanden) van 1987 en 2000.

Tot op de dag van vandaag worden Palestijnen systematisch gediscrimineerd en vermoord met zwaar militair materieel gefinancierd door, jawel, de V.S., waar de machtige Joodse lobby een flinke vinger in de politieke pap heeft. Enige vorm van diplomatieke kritiek, zoals onder meer van dominee Jesse Jackson, wordt vrijwel direct in de kiem gesmoord onder het mom van anti-semitische uitspraken (merk op dat anti-semitisch niet gelijk is aan anti-Joods, aangezien Arabieren en Joden beiden tot het semitische ras behoren; anti-semitisch kan dus zowel anti-Joods als anti-Arabisch betekenen!).

Meten met twee maten

De Verenigde Staten bestempelen de aanvallen in New York en Washington D.C. als terreur, maar hoe is de houding van Israël te rechtvaardigen tegen de Arabieren, de Palestijnen in het bijzonder? Hoe is het mogelijk dat de Israeliërs Ariël Sharon als premier kiezen, wetende dat hij verantwoordelijk is voor de moord op meer dan 1000 Palestijnse vluchtelingen in de Libanese kampen Sabra en Shatila ten zuiden van Beiroet? Waarom is Amerika nooit eerder van leer getrokken tegen deze vormen van terreur? Waarom namen de V.S. geen maatregelen tegen de I.R.A. die voor een groot deel gefinancierd wordt door de Ierse gemeenschap in Amerika? Waarom namen de V.S. geen krachtige stelling tegen allerlei dictatoriale regimes zoals die van Saoedi-Arabië, Egypte en Pakistan? Voor veel Arabieren is het dan ook onverteerbaar dat juist de V.S. zich hebben opgeworpen als bewaker van de democratie. Niet zelden bleken de V.S. in het verleden wel erg snel bereid democratische principes overboord te gooien vanwege het grotere economische en politieke belang. De pogingen van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell, om de enige onafhankelijke Arabische nieuwszender Al Jazeera aan banden te leggen, verdienen in dit verband ook geen schoonheidsprijs. Juist in dit licht worden uitspraken van de V.S. op het gebied van democratie als ongeloofwaardig ervaren.

Ook andere Westerse mogendheden lieten op het gebied van de democratie de nodige steken vallen in de Arabische regio. Dit begon al rond het begin van de negentiende eeuw en sleepte zich voort tot in de jaren zestig. Zo bepaalde Frankrijk in 1943 hoe de politieke machtsverhoudingen in Libanon moesten komen te liggen (president: maroniet, premier Soenniet en voorzitter van het parlement een Sji'iet). Waarom? Om hiermee als het ware een Christelijke bufferstaat te creëren in het Midden-Oosten. In Egypte trok Engeland aan de touwtjes met de bedoeling economische belangen (Suez-kanaal) veilig te stellen. Het Egypte van nu is in vele opzichten zelfs een schijndemocratie die heel zorgvuldig in stand wordt gehouden door de V.S.

Wild West

Daags na de aanslagen in de V.S. zag ik een groepje mensen in New York demonstreren tegen een Amerikaanse vergeldingsactie. Let wel, vergelding, geen rechtvaardigheid! Amerika, de Nieuwe Wereld, lijkt zich eerder te gedragen als het Oude Rome waarbij keizer Bush, afhankelijk van de bloeddorst van het volk, een 'thumbs down' geeft ten teken dat de overwinnaar de verliezer mag doden. Al is de vergelijking met het Oude Rome dan wat gechargeerd, Bush zelf deed oude tijden herleven door te refereren aan de posters die vroeger in het Wilde Westen werden opgehangen: Dead or Alive.

O ja, die demonstranten in New York droegen borden met daarop de tekst: An eye for an eye makes the world go blind!

Bronnen

  • Het conflict tussen Israël en de Arabische Wereld, Stewart Ross, 1995, Evans Brothers, London, UK.

  • Kopstukken uit de twintigste eeuw: Nassar, Cor Huisman, 1964, Kruseman Den Haag.

  • Mahomet, la parole d’Allah, Anne-Marie Delcambre, 1987, Gallimard, Parijs.

  • Over de Grens, David Grossman, 1991, Uitgeverij L.J. Veen, BV, Amsterdam.

  • The Crusades through Arab Eyes, Amin Maalouf, 1984, Al Saqi Books, Londen, UK.

  • The Origins of the Arab-Israeli Wars, Ritchie Ovendale, 1982, Longman Group UK Ltd.

Lees ook:

Historisch overzicht in jaartallen betreffende het Israëlisch-Palestijns conflict (uit Internationale Samenwerking)

Suriname erkent Palestijnse staat

 
Make Text Bigger Make Text Smaller Reset Text Size